|
Karel Zijlstra (Leeuwarden,
1958) maakt ijle, schijnbaar gewichtloze bronsfiguren, die van een hogere
wereld afkomstig lijken te zijn. Het geheim van hun monumentaliteit zit hem in
de spirituele kracht die Zijlstra aan zijn figuren meegeeft. In heel zijn
oeuvre is hij opzoek naar de oorsprong van de mens. Het is niet toevallig te noemen dat hij zich daarbij laat inspireren door de
Kelten. Dit natuur vererende volk beschouwde de zon, de bomen, de zee, de wind
en het vuur als hun goden. De omhoog reikende bronzen zijn metaforen van het Keltische besef dat alles wat
op deze aarde bezield is, zich hoger ontwikkelt. Het menselijke hoofd
speelde bij de Kelten een grote rol. In de beelden van Zijlstra is dat goed te
zien. De benen zijn op een enkele uitzondering na uitzonderlijk lang en ze komen vaak
in één punt samen in de sokkel. Het lichaam heeft eigenlijk maar één bedoeling;
het hoofd zover mogelijk omhoog brengen in de ruimte. De kale schedels met hun verfijnde gelaatstrekken worden soms getooid met
zwierige hoofddeksels. De mensfiguren zijn af en toe levens groot.
|