|
Tussen Groningen en de
Eemshaven ligt het oude terpdorp Westeremden. Hier staat de herbouwde
middeleeuwse pastorieboerderij van Henk en Barbara Helmantel. Deze woning
kenmerkt de belangstelling van deze schilder voor het verleden. Op de plaats van
zijn huidige woning was in 1914 een villa voor de dominee neergezet. Nadat
Helmantel in 1967 hier de eigenaar van werd, ontdekte hij in de tuin de
fundering van de oude middeleeuwse pastorie, in Groningen een Weem genoemd. Na
enige jaren rijpte het plan om deze oude pastorie weer op te bouwen. De herbouw
gebeurde tussen 1974 en 1981 in twee fasen. Het laatste gedeelte, de vroegere
schuur, is nu een riante expositieruimte voor de vaste collectie van zijn eigen
werk. Henk Helmantel's contact met
de beeldende kunst bestond aanvankelijk uit zwart-wit reprodukties, die in
bladen als "De Spiegel" stonden. Zijn eerste echte confrontatie met de oude
meesters vond plaats in 1960, toen hij vijftien jaar was. Een oud-predikant van
Westeremden, dominee Nomen, nodigde hem uit om een week in Wormerveer te
logeren. Met fiets en al liftte Helmantel op een vrachtwagen naar Wormerveer,
vanwaar hij dagelijks naar het Rijksmuseum vertrok. "Ik heb daar urenlang zitten
kijken....dat was voor mij een openbaring..." Van 1961 tot 1965 bezocht
hij de kunstakademie Minerva in Groningen. Hij kwam hier in meer dan één opzicht
in een volstrekt andere wereld terecht. De wijze waarop in het gezin Helmantel
het geloof in praktijk werd gebracht, de wekelijkse kerkgang en het
gereformeerde leven als geheel hadden hem niet, als zovele leeftijdgenoten, van
het geloof vervreemd. Het waren belangrijke faktoren geweest in zijn eigen groei
naar de aanvaarding van het christelijk geloof. Dit geloof nu werd van alle
kanten aan de akademie als overbodig en verjaard verklaard. Daarbij kwam dan ook
nog zijn liefde voor de oude schilderkunst. Sommige leraren deelden die liefde,
anderen wilden - in navolging van de ontwikkeling der moderne kunst - met deze
traditie radikaal breken. Vele medeleerlingen deelden dit verlangen, deze hang
naar een volstrekt nieuwe stijl, zonder "de ketenen der traditie". Dat het
verlangen naar iets nieuws wel degelijk boeiende kunst kan voortbrengen, ontkent
Helmantel niet. Mondriaan en Malewitch, karel Appel en Mark Rothko zijn voor hem
voorbeelden van kunstenaars die in hun zoektocht naar nieuwe vormen met boeiende
resultaten zijn gekomen. Maar wanneer die resultaten tot de maatstaf van alle
hedendaagse kunst wordt gemaakt, of wanneer een kunstwerk niet meer mag worden
beoordeeld met objektieve maatstaven als compositie, kleurstelling enzovoort,
dan verwordt Moderne Kunst tot een ideologie.
Ondertussen is Helmantel
gewoon een schilder van de twintigste eeuw. U kunt dat zelf constateren door te
kijken en te vergelijken. Hij mag inspiratie putten uit het werk van illustere
voorgangers, hij mag graag oude voorwerpen met een "verleden" schilderen; zijn
werk is gemaakt door een schilder die in de twintigste eeuw zijn opleiding en
vorming heeft gehad. Zijn werk vindt in brede kringen en internationaal grote
waardering. Een hoogtepunt was een tentoonstelling in 1997 in Taiwan, waar
honderd werken uit zijn eigen collectie in een fraai museum tentoongesteld
werden. Voorts waren er tentoonstellingen in de USA, in Duitsland, Tsechië,
Maleisië, Engeland, Frankrijk en Indonesië. In Nederland was zijn werk te zien
in het Singermuseum, en in het kloostermuseum in Ter Apel, nu voor de tweede
keer vanaf 13 november. Jaarlijks trekken in de zomer duizenden mensen naar
Westeremden om te genieten van de prachtige Weem, de tuinen er omheen, de oude
Andreaskerk en het tentoongestelde werk uit eigen collectie. Schilderijen die
gemaakt zijn door een schilder die nog steeds gelooft in de schoonheid als een
wezenlijk doel van zijn arbeid met penseel, paletmes en olieverf.
|


|