img17.gif

JOHANNES VERMEER


Zijn leven

 

Vermeer, Johannes (of Jan) van Delft (Delft ged. 31 okt. 1632 - aldaar begr. 15 dec. 1675), Noord-Nederlands schilder en kunsthandelaar, was de zoon van een zijdewerker, die zich ook wel met de kunsthandel bezighield. Over zijn leven is weinig bekend; hij trouwde in Delft in april 1653, deed zijn intrede in het gilde in hetzelfde jaar en was gedurende zijn hele leven werkzaam in Delft. Bekend is dat zijn financiële omstandigheden wel eens te wensen overlieten. Over zijn leertijd bestaan geen gegevens; in zijn vroege werken is enige Italiaanse invloed waar te nemen, wat niet hoeft te betekenen dat hij een reis naar Italië heeft gemaakt. Als mogelijke leermeester wordt vaak Carel Fabritius genoemd. Vermeers oeuvre is vrij klein; slechts 35 schilderijen zijn bekend. De meeste tonen interieurs (zo exact weergegeven dat men de ruimtelijke verhoudingen heeft kunnen reconstrueren) worden verlicht door een tamelijk koel daglicht; er bevinden zich niet meer dan twee à drie personen. Vermeer had een voorliefde voor een zuivere harmonie en evenwicht. Licht, ruimte en kleur zijn de belangrijkste elementen in zijn werken. Twee eeuwen vóór de impressionisten wist hij licht door kleur uit te beelden. Aangezien slechts twee schilderijen van de kunstenaar gedateerd zijn: De koppelaarster (1656; Gemäldegalerie, Dresden) en De astronoom (1668; Musée du Louvre, Parijs), is het moeilijk een exacte chronologie in zijn oeuvre aan te brengen. In zijn vroege werken is een duidelijke invloed van de Utrechtse caravaggisten te bemerken; dat hij dezen kende, blijkt uit het feit dat op twee van zijn schilderijen een werk van Dirck van Baburen op de achtergrond hangt. Een voorbeeld uit deze vroege periode is de Koppelaarster, waarin meer actie aanwezig is dan in zijn latere werken; de nadruk valt op de figuur en er is nog geen sprake van ruimtelijke helderheid. Opvallend zijn de warme kleuren en het clair-obscur-effect; karakteristiek, ook voor zijn latere periode, zijn het stukje stilleven en het gebruik van de kleuren blauw en geel. Een voorbeeld van Vermeers rijpe stijl is de Brieflezende vrouw (Rijksmuseum, Amsterdam). Hier is sprake van een harmonie tussen alle elementen, vooral tussen figuur en ruimte; de kleuren blauw en geel overheersen. In dezelfde periode zijn ook Het straatje (Rijksmuseum, Amsterdam) en het Gezicht op Delft (Mauritshuis, Den Haag) ontstaan, beide waarschijnlijk uit ca. 1658. Het straatje valt op door zijn prachtige kleurharmonie, fluweelachtige textuur en zilveren tonaliteit. Het Gezicht op Delft, een van de mooiste stadsgezichten in de Europese schilderkunst, toont een stralende helderheid, een fonkelend licht tegenover zware schaduwpartijen. Zijn late werken laten een voorliefde voor wat overdadige perspectivische effecten en decoratieve elementen zien. Na zijn dood raakte Vermeer al spoedig in de vergetelheid; pas eind 19de eeuw werd zijn werk herontdekt. Sindsdien wordt hij met Rembrandt en Frans Hals tot de grootste schilders van de Nederlandse 17de eeuw gerekend.

 

 

Onderwerpen en schildertechnische aspecten

Vermeers vroegste werk omvat een paar schilderijen met religieuze en mythologische onderwerpen, waaronder Christus in het Huis van Martha en Maria en Diana en haar Nimfen, maar de meeste van zijn beroemdste schilderijen beelden intieme, serene en "burgerlijke" taferelen af, waarop de afgebeelde personen met dagelijkse activiteiten bezig zijn en min of meer door de schilder "betrapt" lijken. Opvallend is het aantal doeken waarop het licht via een links afgebeeld venster binnenvalt, zoals in bijvoorbeeld De Melkmeid en De Liefdesbrief. Ook markant is dat Vermeer relatief weinig mannen afbeeldde. Slechts twee belangrijke Vermeers zijn geen interieurs, te weten Gezicht op Delft en Het Straatje, maar dit zijn zeker niet zijn minste schilderijen. De Astronoom en de De Geograaf nemen een enigszins aparte plaats binnen Vermeers oeuvre in, in die zin dat er geen huishoudelijke, maar beroepsmatige activiteiten worden afgebeeld. Op beide doeken staat dezelfde persoon, van wie sommigen menen dat het Vermeers tijdgenoot Antoni van Leeuwenhoek is, die vier dagen na Vermeer in dezelfde kerk werd gedoopt. Op grond van andere afbeeldingen van Van Leeuwenhoek en informatie over diens karakter en werkwijze vinden anderen deze theorie echter niet aannemelijk. In 1696 werd melding gemaakt van een zelfportret van Vermeer, maar dat is verloren gegaan. Tekening of etsen van zijn hand zijn niet bekend. Vermeers werk wordt algemeen als zeer goed beschouwd, maar niet als vernieuwend. Diverse wetenschappers verdedigen de opvatting dat Vermeer bij het maken van zijn schilderijen gebruik heeft gemaakt van een camera obscura. Als argumenten voeren zij aan: een feilloos ruimtelijk perspectief in Vermeers schilderijen; onscherpe, soft-focusachtige elementen die slechts door het gebruik van een lens kunnen zijn ontstaan en het ontbreken van hulplijnen onder de verflaag.

 

 

 

 

Bron: Encarta Naslagbibliotheek - Winkler Prins 2005 en Wikipedia - De vrije encyclopedie

 

 

Rijksmuseum

Mauritshuis

milkmaid[2].jpg

art-painting[1].jpg

balance[1].jpg

concert[1].jpg

delft_st[2].jpg

girl_with_the_red_hat[2].jpg

guitar-player[1].jpg

lady-writing[1].jpg

 

music-lesson[1].jpg

procuress[1].jpg

soldier-laughing-girl[1].jpg

view-delft[1].jpg

wtrpitch[1].jpg

 

Copyright© 2005              Art Nieuws