|
Zijn leven
Campin, Robert (ca. 1378 - Doornik 26 april 1444),
Henegouws schilder, was vanaf 1406 werkzaam te Doornik,
waar hij eerst in 1410 als poorter werd vermeld en waar
hij als stadsschilder tal van opdrachten, meestal van
decoratieve aard, uitvoerde. Behalve wellicht één
muurschildering, is geen enkel werk bekend waarvan het
auteurschap van Campin aan de hand van documenten kan
worden bewezen. Volgens Doornikse archiefstukken gingen
in 1427 bij hem in de leer 'Rogelet de le Pasture',
die meestal met Rogier van der Weyden wordt vereenzelvigd,
en Jacques Daret. Van Daret kent men enkele panelen
(in musea te Berlijn, Parijs en Lugano) van een altaarstuk,
geschilderd voor de abdij van St.-Vaast bij Atrecht.
Zij zijn stilistisch zeer verwant zowel met sommige
werken van Rogier van der Weyden als met een aantal
panelen die aan de Meester van Flémalle worden
toegeschreven. Aangezien Daret leerling was van Campin,
wordt deze laatste op grond van die verwantschap op
aannemelijke wijze vereenzelvigd met de Meester van
Flémalle. Deze wordt aldus genoemd naar twee
grote panelen, waarschijnlijk uit Flémalle afkomstig:
Maria met Kind en De Heilige Veronica (met op de rugzijde
De Heilige Drie-eenheid), beide in het Städelsches
Kunstinstitut, Frankfurt. Tot de voornaamste andere
werken die op stilistische gronden aan dezelfde kunstenaar
worden toegeschreven, behoren het beroemde 'Merode-triptiek',
met als centraal paneel De annunciatie (Metropolitan
Museum of Art, The Cloisters, New York), verder De geboorte
van Christus (Musée des Beaux-Arts, Dijon). Een
vroeg werk, De graflegging, bevindt zich in de verzameling
Graaf Seilern, Londen. Tot zijn laatste periode wordt
een altaarstuk gerekend, 1438 gedateerd (Prado, Madrid),
dat voor Heinrich Werl werd geschilderd en dat het dichtst
de kunst van Rogier van der Weyden benadert. De stijl
van Robert Campin of de Meester van Flémalle
vormt de overgang tussen de zgn. internationale stijl
van de laatste decennia van de 14de eeuw en het zgn.
realisme van de Nederlandse meesters van de 15de eeuw.
Plastische vormgeving en monumentaliteit zijn hoofdkenmerken
van zijn kunst, die 'primitiever' aandoet dan die van
Jan van Eyck, al hebben beiden omstreeks dezelfde tijd
gewerkt. De identificatie van de Meester van Flémalle
met Robert Campin wordt niet door alle kunsthistorici
aanvaard. Sommigen, zoals Max J. Friedländer, beschouwen
de aan de Meester van Flémalle toegeschreven
werken als jeugdwerken van Rogier van der Weyden. Hierover
werd in de jaren dertig heftig gepolemiseerd tussen
Emile Renders, die deze laatste theorie voorstond, en
Leo van Puyvelde, die in de Meester van Flémalle
een aparte en oudere kunstenaar zag. Vele andere kunsthistorici
hebben hun aandacht gewijd aan dit probleem. De identificatie
van het werk van de Meester van Flémalle met
de jonge Rogier van der Weyden kent echter sinds de
jaren zestig minder aanhangers.
Bron:
Encarta Naslagbibliotheek - Winkler Prins 2005
|
|